Met ‘rust’ lijken we deze dagen weer een thema te hebben. Onrust volop in de wereld, dus wijs om hierop nog iets meer te mediteren. 

In het Bijbelboek Leviticus wordt hierover veel geschreven: het boek waarin God zijn voorschriften voor het volk Israël laat optekenen. Wanneer je de instructies leest met de ‘bril’ van het nieuwe verbond, zie je volop beelden van wat Jezus voor ons kwam doen. 

Mozes ontvangt richtlijnen voor het inrichten van de feesten die het volk mocht gaan vieren. In hoofdstuk 23 gaat het bijvoorbeeld over Grote Verzoendag: die ene dag in het jaar dat de hogepriester de heilige ruimte achter het voorhangsel in de tempel mocht betreden om een verzoeningsoffer voor het volk te brengen. Zie je het beeld van Jezus? 

Leviticus schrijft volledige rust voor op deze dag: het volk mocht geen enkele bezigheid verrichten. Opnieuw een beeld van het verzoeningswerk van Jezus, waaraan een mens op geen enkele manier iets kan bijdragen. Alleen door helemaal niets zelf te doen, maar volledig op Jezus te vertrouwen, hebben wij toegang tot de Vader. 

De instructie wordt dan heel bijzonder: gij zult uw zielen verootmoedigen (vers 27, NSV). Mooi vertaald, maar in het Engels staat daar: you shall afflict your souls. Dichter bij de grondtekst, dat ‘afflict’, waarin iets van teisteren, kwellen en dus van pijn zit.

Écht in alle facetten van je leven rusten in Jezus’ volbrachte werk voor jou doet bijna pijn: je kúnt niets bijdragen. Iedere ‘maar ik… hoe dan… en wat als…’ verstomt. Jouw voorziening? Rust maar: die is van Hem. Jouw gezondheid? Rust maar: Jezus’ striemen zijn jouw genezing. Jouw gezin? Rust maar: Jezus zorgt voor jullie. 

Een mooie oefening, voor als wij reddertjes denken alvast zelf even een handje te moeten meehelpen. Rusten… tot het bijna zeer doet.

Mooie dag!