Wat ik voor vandaag van plan was moet even wachten, want ik kreeg iets anders op mijn hart. Vandaag wordt het lichaam van Tineke ter aarde besteld, zoals dat officieel heet. De vrouw van Simon. Ik ken ze samen als mensen van het eerste uur. Een neusje voor genade, want ze waren er al vroeg bij.

Gisteren had ik een diep gesprek met Simon. Tineke is overleden als gevolg van ziekte en dat brengt bij mij alle herinneringen en gevoel naar boven van vorig jaar, toen mijn vader overleed aan kanker. Simon en ik spraken over de vraagtekens die kunnen spelen, als je in genezing gelooft maar een geliefde kwijt raakt door ziekte.

Wat doen vragen van de omgeving met je. Die hebben gezien dat je jezelf hebt uitgestrekt naar genezing? En je eigen vragen?

Wij hebben niet alle antwoorden, maar waar je zou kunnen voelen dat we gefaald hebben, laat de Bijbel iets heel wonderlijks zien. In de lijst van ‘geloofshelden’ staat ineens dit:  

Hebreeën 11:13 In geloof zijn zij allen gestorven, zonder te hebben ontvangen wat hun beloofd was. Zij hebben het heil alleen uit de verte gezien en begroet. Zij hebben zichzelf vreemdelingen en passanten op aarde genoemd.

Dit (het heil) gaat over Jezus. Echter, eenmaal in Jezus is er ook uitzicht op steeds toenemende heerlijkheid. Maar ook in die wandel blijft er altijd een groter goed:

Hebreeën 11:16Nee, ze keken reikhalzend uit naar een beter vaderland: het hemelse. Daarom schaamt God zich er niet voor hun God genoemd te worden en heeft hij voor hen een stad gereedgemaakt.

Wel(kom) thuis Tineke. We zullen je hier missen.

Ik bid het hele gezin vrijheid van beleving toe en tastbare aanwezigheid van de Trooster, Gods Geest.