Vorige week werd in het huis van een goede vriend ingebroken. Niks leuk: de inbrekers hadden de tijd genomen en flink wat waardevolle spullen buitgemaakt.

In de dagen na de inbraak was de politie zeer behulpzaam, maar ook de inbrekers lieten van zich horen: een deel van de buit stond geheel onverwacht in een plastic zakje voor de deur. Wij bidden uiteraard rustig door voor volledige vergoeding van alles wat gestolen is.

Toen ik van de wederwaardigheden hoorde, sprak ik onmiddellijk over hoe Vader onze verdediging is tegen dit soort aanvallen. Direct schieten teksten als Psalm 94:22 me te binnen, de HEER is mijn burcht (mijn verdediging, zegt de grondtekst) geworden, mijn God de rots waarop ik schuil.

Deze gebeurtenissen riepen wel de vraag op: hoe doet Vader dat dan in dit soort situaties? Duidelijk is dat hier een geest van roof, van kaalvreten aan het werk is geweest. Hoe verdedigt Hij zijn kinderen in dit soort omstandigheden? 

Nu hoef ik niet per se te weten wat Vader doet met de mensen die zich door deze roofgeest laten gebruiken en zich tegen Zijn kinderen keren. Ik vertrouw erop dat daarin ook Zijn hart van liefde groter is dan mijn wraakgevoelens :) 

De bijbel laat zien dat Hij zich in deze situaties als eerste om Zijn kinderen bekommert. Lees maar mee in Psalm 23:5 U nodigt mij aan tafel voor het oog van de vijand. 

Vijanden op rooftocht? Zijn ze al in zicht? Mooi: Vaders zorg gaat eerst naar jou uit. Hij verzorgt jou, zet je aan tafel en reken maar dat deze rijkelijk gedekt is. Bij de Heer aan tafel: dat is wat je noemt een verwenmoment. Alles wat je nodig hebt - en meer, terwijl je vijanden toekijken. Beter gezegd: het nakijken hebben…