Deze week sprak ik een voorganger die met een vervelende situatie te maken had gehad. Iemand in zijn kerk had een beetje gejokt… niet zo’n klein beetje, maar behoorlijke grote jokkebrokken. Dat kan, want ook deze voorganger hoort bij een genadekerk. 

In het gesprek daarover was de overigens heel lieve pastor behoorlijk uit z’n plaat gegaan. Niet een beetje boos, maar flink. Tijdens het gesprek was de pastor zelfs iets uit zijn stoel gekomen en had met de achterkant van de stoel een kamerplant van zijn sokkel gestoten. Puinhoop dus. 

Nu denk je wellicht: “big deal, want voorganger van een genadegemeente, daar zal wel geen veroordeling voor zijn.” Lesje Romeinen 8:1 goed geleerd - maar ons gesprek ging even anders. Deze pastor had last van donkere wolken boven zijn hoofd. Het leek hem wel ‘op de rem’ te zetten in alle dingen die hij wilde doen. Wat was het nou, dat hij zich afvroeg of hij het wel goed gedaan had en het gevoel in zijn benen had of hij zojuist de Mont Ventoux befietst had? 

Herkenbaar? Er gaat iets mis in je leven - sterker nog: je doet iets mis, iets niet zo handigs en er lijkt zich een boze schaduw te vormen in je gevoel, je bedienen, je wandel met de Heer - donkere wolken alom. 

Niet nodig, immers: is jouw onhandigheid voor Vader een probleem? Niet meer, sinds het offer van Jezus voor eens en altijd voldoende was (Hebreeën 10:10). God is rechtvaardig door jou nu rechtvaardig te verklaren, wanneer jouw vertrouwen op Jezus is (lees Rom. 3:21-26). 

Of je nu voorganger bent of ‘gewoon’ kind van Vader: de rechtvaardigheid van God is aan jouw zijde. Terecht zegt Paulus in het achtste hoofdstuk: wie kan dán nog tegen ons zijn? 

Een wolkenloze dag voor jou!