Gisteren was een grote dag in ons huis. Annemarie had besloten dat het tijd was om mijn (let op het bezittelijk voornaamwoord!) kamer uit te ruimen om deze geschikt te maken voor het kleine meisje dat zich over enkele maanden aandient. Het was helemaal bedacht: zoon Matthijs zou samen met stoerste vriend meer-dan-manshoge kasten demonteren en naar hun nieuwe plek, een verdieping hoger, verhuizen. Tot zover helder. 

Deze buitenmodel kasten bleken zich niet zomaar gewonnen te geven. Achterzijde van bovenzijde scheiden bleek een ware krachttoer. Deuren eruit was precies géén makkie voor de mannen, maar ze sloegen zich (en de hamer) er onder aanmoedigingen van Annemarie dapper doorheen. 

Ik maakte die dag slechts één vergissing… Ik kwam te vroeg thuis. Mijn lief weet dat ik niet zo goed ben met uitgepakte kasten, mijn spullenboel uitgestald over bedden, bureau en vloer. In jongenvrij-jargon zouden we zeggen ‘dat schuurt aan mijn binnenkant’ - maar in gewoon Nederlands word ik er gewoon piep-chagrijnig van. 

Dat kwam goed uit, want de jongens hadden nog een monster-kast bewaard die (briljante gedachte) in zijn geheel een trapje hoger getild moest worden. Kon ik mijn humeur op botvieren. 

Gelukkig mocht ik daarna koken voor de hele familie. Gewoon, iets doen waar ik wél goed in ben en wat ik wél leuk vind. Bijkomend voordeel: bij het roeren in de pan lekker even tijd met de Heer. 

Wat zegt Hij over een puinhoperige dag, de knusheid van je eigen ruimte overhoop, onverwachte eisen aan je spier- of denkkracht? “Rustig maar,” zei Hij in mijn geval: “Ik ben erbij, Ik zorg voor jou en voor je huis. Doe jij nou maar wat je leuk vindt, Mijn gunst gaat met je mee!”

Mooie dag!