1.jpg

Na mijn lyrische uitstapje over de nieuwe Bijbelschool, toch op mijn hart om terug te gaan naar ‘omgaan met tegenspoed’. En dan vooral over hoe je bij herstel terecht komt.

Terwijl ik schrijf dat de Heer altijd wil en alles kan herstellen, hoor ik wat vraagtekens opgeworpen worden. Als wij dat zelf niet doen, dan doet de duivel dat wel. Sommige dingen kunnen toch niet hersteld worden? En mensen die ons ontvallen kun je toch niet vervangen? 

Niet kijken naar wat we zien, omdat het tijdelijk is? Maar iemand die als gevolg van ziekte overlijdt, daar kun je toch niet dankbaar voor zijn omdat het tijdelijk was?!

Ons probleem bij dit soort vragen in combinatie met ‘herstel’, is dat wij geneigd zijn of verleid worden om in te vullen hoe God zou kunnen herstellen. Wij verzinnen soms zelf wat wij als herstel zouden ervaren of acceptabel zouden vinden als payback of genoegdoening, als we bestolen zijn.

Logisch dat we dat doen, maar God kent ons beter. Wij mogen leren in herstel te geloven, zonder daar op enige manier een plaatje bij te verzinnen. Want dan beperken we onszelf en God. God weet waar onze diepste behoefte ligt. God weet wat er getroost moet worden en wat ons opnieuw door-en-door blij zou kunnen maken of voldoening zou kunnen geven.

Sommige dingen zijn inderdaad onomkeerbaar op deze aarde, maar dat betekent absoluut niet dat God niet volledig kan herstellen. Het ziet er dan alleen soms totaal onverwachts uit en je beleeft iets wat je niet voor mogelijk had gehouden. ‘Boven wat u bedenkt (voorstellingsvermogen!)….’

Stel dat Jezus Zich aan je laat zien? Dan leef je de rest van je leven met je hoofd in de wolken.

Tot morgen!