In de gemeente waar ik zondag was, kwamen veel mensen aan het einde van de dienst naar voren. Sommigen om gebed te vragen voor specifieke onderwerpen. Anderen bleven gewoon ‘hangen’ vooraan in de zaal, terwijl de band speelde. Iemand zei: “Het is zo goed om hier te zijn.” Nu is er niets mystieks aan de ruimte voor het podium, maar het kan helpen dáár te zijn waar we samen God aanbidden. 

Koning David, die veel geleerd had over wie God is, had ook zo’n plek. Hij vond het heerlijk tijd door te brengen op de plek waar de ark van het verbond stond. Die mobiele kist, op Gods instructie aan Mozes gemaakt van sterk hout en overdekt met puur goud. Boven op het gouden deksel werd het bloed van het offerlam gesprenkeld. Twee engelen van goud keken op die plek, die wel ‘de troon van genade’ werd genoemd. 

De aanwezigheid van God was voelbaar op die plaats, daarom zingt David in Psalm 27: Hij laat mij schuilen onder zijn dak op de dag van het kwaad, Hij verbergt mij veilig in zijn tent (zijn tabernakel). In Psalm 91 vertelt hij zelfs dat hij weet hoe het voelt wanneer je overnacht in de schaduw van de Almachtige

In het oude verbond was dit een bijzondere manier om dicht in Gods aanwezigheid te komen. Zó de liefdevolle nabijheid van Zijn Geest te ervaren. Naast koning David was dit voorrecht maar aan enkelen, vaak priesters, voorbehouden. 

Ben je ook zo blij dat wij in een nieuw verbond leven? Gods Geest kwam om voor altijd zó dicht bij jou te zijn - dat dichterbij gewoon niet kan: Hij woont in jou. Daarmee ben jij, als koning en priester, voor altijd op de plek waar Gods Geest is. Jij bent… de hemel op aarde! 

Mooie dag!