Stel je voor. Je ontdekt na jaren dat degene die naast je woont, de beste vriend van Jezus is. Maar jij dacht al die tijd: Wat een achterlijk figuur?!

Je wordt ineens herinnerd aan de keren dat je lelijke woorden over de schutting gooide. Want hij zat altijd nog zo laat te kletsen. Dan besef je dat dit met Jezus was…:O

Zo moeten de apostelen zich ongemakkelijk gevoeld hebben in het verhaal in Handelingen 10 en 11.

De Heer weet Petrus met moeite te overtuigen, in een 3-voudig visioen, om ook de heidenen te accepteren. Petrus gaat vervolgens bij ze preken en de Geest valt. Maar aansluitend wordt Petrus meteen ter verantwoording geroepen:

De apostelen en de broeders in Judea hoorden dat ook de heidenen het woord van God aanvaardden. Toen Petrus in Jeruzalem kwam, maakten de gelovigen die besneden waren hem verwijten. Ze zeiden: ‘Jij bent in huis geweest bij onbesnedenen en hebt met hen gegeten.’ Handelingen 11:1-3

Dan legt Petrus het visoen uit. Er volgt een Oeps-momentje? Het is immers een flink poosje na de Pinksterdag. En al die tijd gemist dat het Evangelie voor alle volken was?! :-)

In de kerk zit soms ook een ‘blind vlekje’.

Wij zijn Gods volk, heilig, gezuiverd. En daarbuiten is de ‘zondige wereld’. Gevaarlijk? Wegblijven?! Slechte mensen?! Jaaha, zei Jezus immers Zelf niet: Jullie zullen het zwaar te verduren krijgen in de wereld… (Joh. 16:33)

Amen! Maar wie bedoelt Jezus hier met ‘de wereld’? (context!):

Wanneer de wereld je haat, bedenk dan dat ze mij eerder haatte… Jullie zullen uit de synagoge gezet worden, en er komt zelfs een tijd dat iedereen die jullie doodt, meent daarmee God te dienen. (Joh. 15:18, Joh. 16:2)

Zondaars haatten Hem niet… Dit gaat over Godsdienstigen met de wet in de hand? Dus de ‘kerk’ zelf?! OEPS? ;-)

Tot morgen!